Logo Christiaan M. Bijl

Duurzame Inzetbaarheid (DI)


Duurzaam inzetbaar betekent dat medewerkers doorlopend in hun arbeidsleven over daadwerkelijk realiseerbare mogelijkheden alsmede over de voorwaarden beschikken om in hun huidige en toekomstige werk met behoud van gezondheid en welzijn te (blijven) functioneren. Dit impliceert een werkcontext die hen hiertoe in staat stelt, evenals de attitude en motivatie om deze mogelijkheden daadwerkelijk te benutten.
Deze definitie van duurzame inzetbaarheid is onder andere te vinden in het artikel Duurzame inzetbaarheid bij oudere werknemers. Werk als waarde van Jac J.L. van der Klink [et al.] in het themanummer Duurzame Inzetbaarheid in Gedrag & Organisatie, 2011, nummer 4 (pagina 347).

Duurzame inzetbaarheid is dus een verantwoordelijkheid van zowel de werkgever als de werknemer. Er moet een balans zijn tussen persoon en werk, ofwel tussen de kennis, vaardigheden, attitude en motivatie van de werknemer enerzijds en de context waarin het werk plaatsvindt anderzijds. Is er sprake van balans, dan voelt de werknemer zich gezond, heeft hij plezier in zijn werk en presteert hij goed. Is de balans verstoord, dan is er sprake van stress, ontevredenheid en slechte prestaties, leidend tot demotivatie, cynisme, burn-out en ziekteverzuim.
In de workshop wordt hier de nadruk op gelegd: kennis en vaardigheden van de werknemer moeten passen bij de eisen die het werk stelt. Zo moet een werknemer het werktempo goed aankunnen en, voor zover van toepassing, overweg kunnen met gereedschap, software en andere mensen, zoals collega's, klanten, patiënten of leerlingen. Voorts moeten de attitude en motivatie van de werknemer, in het bijzonder zijn bereidheid tot leren, veranderen en ontwikkelen, passen bij de ontwikkelingsmogelijkheden die zijn werkgever hem biedt. Daarbij gaat het bijvoorbeeld om autonomie of regelruimte, loopbaanperspectief, leer- en ontwikkelingsmogelijkheden (waarbij de werknemer wel bereid moet zijn om bijvoorbeeld een cursus te volgen) en steun van collega's en leidinggevenden. Behoeften en aanbod passen dan bij elkaar.

Thema's die onderwerp van gesprek (kunnen) zijn

  • Alert zijn op signalen uit je lichaam
  • De balans werk - privé
  • (Werk)stress en de gevolgen daarvan *)
  • Aandachtspunten fysieke en psychische gesteldheid
  • Leefstijlprogramma's
  • Bore-out (een vervelingsziekte, veroorzaakt door routinematig werk of werk onder het niveau)
  • Burn-out (letterlijk: compleet opgebrand zijn)
  • Bevlogenheid (het tegenovergestelde van burn-out)
  • Hoe blijf je bruisen van energie? Hoe blijf je je sterk en fit voelen?
  • Hoe kun je lang en onvermoeibaar met werken door blijven gaan?
  • Hoe blijf je beschikken over grote mentale veerkracht en doorzettingsvermogen?
  • Hoe houd je sterke betrokkenheid bij het werk?
  • Hoe blijf je het werk als nuttig en zinvol ervaren?
  • Hoe blijft je werk inspirerend en uitdagend en blijft het gevoelens van trots en enthousiasme oproepen?
  • Hoe blijf je op een plezierige wijze helemaal opgaan in je werk? Als het ware met je werk versmolten blijven (de tijd lijkt stil te staan) en je moeilijk van je werk kunnen losmaken?
  • Workaholisme - al ben je nog zo bevlogen, hoe voorkom je dat je werkverslaafd wordt?
  • Job crafting
  • Intern ondernemerschap


► Foto gemaakt door PublicDomainPictures


*) Op 13 mei 2014 heeft minister Lodewijk Asscher van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) een campagne gelanceerd om werkgerelateerde stress te bestrijden. Klik hier (of in het menuscherm hierboven) om kennis te nemen van de inhoud van de Kamerbrief van de minister.